
Vanaf windkracht 8 neemt de kans op stormschade behoorlijk toe. Na de storm is een inspectie van het dak aan te raden. Naarmate gebouwen hoger zijn wordt het echter steeds lastiger om weggewaaide of verschoven dakpannen te kunnen opmerken. Soms kun je vanuit een dakraam bijvoorbeeld beter het dak van de buren zien dan het dak van jezelf. Heb je de schade niet tijdig ontdekt, dan krijg je meestal te maken met lekkages en loopt het schadebedrag snel op.
Stormschade zoals weggewaaide of scheefgewaaide dakpannen zijn bijna altijd het gevolg van de
enorme zuigkracht van de wind. Als de wind bijvoorbeeld dwars op het dak van een boerenschuur blaast, dan vliegen de pannen aan de andere zijde van het dak er af door de zuigkracht van de wind. Er ontstaat dan een vacuum dat er voor zorgt dat de dakpan naar boven wordt getrokken. Zijn eigen gewicht en het gewicht van de omringende pannen is dan niet meer groot genoeg om de dakpan op zijn plaats te houden. Deze zuigkracht is ook de reden dat dakpannen er niet bij iedere storm afliggen. Het hangt namelijk erg sterk samen met de windrichting en de mate waarin de zuigkracht kan optreden.
Weggewaaide pannen leiden niet altijd direct tot lekkages. Tegenwoordig is het verplicht om onder de dakpannen een
waterdichte folie aan te brengen die de eerste regenbuien prima kan opvangen. Het regenwater komt dan alsnog in de dakgoten terecht. In veel oudere woningen ontbreekt deze folie echter en daarnaast gebruikte men vroeger vaak folies die in de loop der jaren verouderen en verteren, waardoor ze hun werk niet meer doen. Moderne waterdichte dakfolies hebben dat probleem gelukkig niet meer.
Na een flinke storm leggen we veel daken weer dicht. Als pannen voorradig zijn, dan doen we dat direct op de definitieve manier. Bij een tekort aan pannen maken we het dak tijdelijk dicht met folie of dakleer, waarna we het later definitief herstellen.